Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 september 2016
Onder 2.3.2. Parket bij de Hoge Raad 13 september 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 september 2016, ECLI:NL:PHR:2016:954.
In hoger beroep zal van een partij die bewijs door getuigen aanbiedt in beginsel mogen worden verwacht dat zij voldoende concreet vermeldt op welke van haar stellingen dit bewijsaanbod betrekking heeft en, voor zover mogelijk, wie daarover een verklaring zouden kunnen afleggen, doch zal in het algemeen niet mogen worden verlangd dat daarbij ook wordt vermeld wat daarover door getuigen zal kunnen worden verklaard. Indien reeds getuigen zijn gehoord of schriftelijke verklaringen van de als getuigen aangeboden personen zijn overgelegd, zal de eis dat het bewijsaanbod voldoende specifiek en ter zake dienend moet zijn kunnen meebrengen dat nader wordt vermeld in hoeverre de getuigen meer of anders kunnen verklaren dan zij al hebben gedaan (zie HR 9 juli 2004, nr. C03/079HR, ECLI:NL:HR:2004:AO7817, NJ 2005/270).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b4c28e8c94100074239093eeb4c3c8edec7de0662b7232c6c03af65fcb71b8f5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b4c28e8c94100074239093eeb4c3c8edec7de0662b7232c6c03af65fcb71b8f5, en de alinea staat in dat document op bytes 84306 tot 85136.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b4c28e8c94100074239093eeb4c3c8edec7de0662b7232c6c03af65fcb71b8f5 | shasum -a 256