Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 september 2016

Onder 8.6 Parket bij de Hoge Raad 20 september 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 september 2016, ECLI:NL:PHR:2016:970.

Vastgesteld c.q. niet weersproken is dat (i) de belanghebbende als statutaire doelstelling en als feitelijk beleid heeft het gratis of tegen een zo gering mogelijke bijdrage ter beschikking stellen van de woningen aan alleenstaande vrouwen die daartoe door de regenten in de gelegenheid worden gesteld op grond van de liefdadige doelstelling, (ii) de rechtsverhouding tussen de belanghebbende en de bewoonster wordt beheerst door een bewoningsreglement (dat voor huur ongebruikelijke bepalingen bevat), (iii) 13 bewoonsters € 19 per maand bijdragen en 18 andere bewoonsters € 46 per maand, (iv) de belanghebbende de gemeentelijke lasten betaalt, ook de bewonerslasten, (v) de maandelijkse bijdragen niet geïndexeerd of anderszins verhoogd worden, (vi) de bewoonsters niet ontruimd worden als zij niet (meer) aan de bewoningsvoorwaarden voldoen, in de praktijk zelfs niet als zij de bijdrage niet betalen en (vii) de volledige opbrengst van de gebruiksvergoedingen gebruikt wordt voor onderhoud van het hofjesgroen. De belanghebbende stelt voorts dat het gebruiksrecht elk moment beëindigd kan worden, dus dat geen sprake is van huurbescherming, maar dat lijkt mij juist af te hangen van de vraag of het om huur gaat. Ik merk overigens op dat ook als het niet om huur gaat, het gebruik mijns inziens niet op elk moment beëindigd kan worden. In de eerste plaats zullen de redelijkheid en de billijkheid zich daartegen verzetten, maar ook moet het reglement gelezen worden in het licht van belanghebbendes statuten (gratis of tegen een zo laag mogelijke bijdrage) en haar overeenkomstige feitelijke beleid. Zoals zij zelf onweersproken stelt: bij niet-naleving van het reglement en zelfs bij niet-betalen van de bijdrage, wordt het gebruik niet beëindigd tot overlijden of verhuizen. Uit HR NJ 2016/236 blijkt dat een voor onbepaalde tijd gesloten duurovereenkomst in beginsel opzegbaar is, maar dat een dergelijke overeenkomst in het licht van statuten en naar de bedoeling van partijen soms niet-opzegbaar kan zijn, behoudens de werking van art. 6:248 lid 2 BW en 6:258 BW. Dus ook als geen sprake is van huur, hoeft dat in dit geval niet mee te brengen dat geen sprake is van huurbescherming.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fcc2dea28fed9c02262812c3d40512dbd287406f92c018d4b87c83418ed130b9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fcc2dea28fed9c02262812c3d40512dbd287406f92c018d4b87c83418ed130b9, en de alinea staat in dat document op bytes 163844 tot 166348.