Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 oktober 2016
Onder 3.8 Parket bij de Hoge Raad 7 oktober 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 oktober 2016, ECLI:NL:PHR:2016:987.
Het in onderdeel 1.1 genoemde arrest van 9 januari 2015 ( [A]/[B] ) betrof een arbeidszaak. De werkgever en de werknemer hadden achtereenvolgens drie arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd gesloten. Daarna is tussen hen een vierde arbeidsovereenkomst gesloten en daarbij zijn in een vaststellingsovereenkomst afspraken gemaakt over de duur van deze arbeidsovereenkomst. De vaststellingsovereenkomst hield onder meer in dat partijen zijn overeengekomen dat de tussen hen bestaande arbeidsovereenkomst op 18 februari 2011 op gelijke arbeidsvoorwaarden wordt verlengd en dat partijen vaststellen dat zij deze arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd met wederzijds goedvinden beëindigen met ingang van 1 januari 2012, en voorts dat zij tot vaststelling van deze afspraken zijn gekomen ter voorkoming van onzekerheid en ter vermijding van een procedure daarover. De werknemer stelde zich vervolgens in rechte op het standpunt dat de vaststellingsovereenkomst nietig was wegens strijd met art. 7:668a BW en dat zijn instemming met de vaststellingsovereenkomst tegen zijn wil was afgedwongen. Hij vorderde een verklaring voor recht dat de opzegging van de arbeidsovereenkomst tegen 1 januari 2012 nietig was en hij stelde een loonvordering in. De werkgever vorderde in reconventie een verklaring voor recht dat de arbeidsovereenkomst tussen partijen per 1 januari 2012 was geëindigd. Het hof wees de vorderingen van de werknemer af en verklaarde voor recht dat de tussen partijen bestaande arbeidsovereenkomst met ingang van 1 januari 2012 was beëindigd. In cassatie klaagde de werknemer onder meer dat in het oordeel van het hof de onjuiste rechtsopvatting besloten lag dat een vaststelling ter voorkoming van een (toekomstig) geschil in strijd mag komen met bepalingen van dwingend recht. De Hoge Raad oordeelde deze klacht als volgt gegrond:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1db60efb7795ec678cc29fbc39d4e452689c9f616e00061c3e228fcfa5f089e9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1db60efb7795ec678cc29fbc39d4e452689c9f616e00061c3e228fcfa5f089e9, en de alinea staat in dat document op bytes 35209 tot 37162.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1db60efb7795ec678cc29fbc39d4e452689c9f616e00061c3e228fcfa5f089e9 | shasum -a 256