Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 oktober 2016

Onder 5.4 Parket bij de Hoge Raad 7 oktober 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 oktober 2016, ECLI:NL:PHR:2016:987.

Bij de uitleg van de pauzeregeling dient betrokken te worden de in het arbeidsrecht geldende notie dat wachttijd in beginsel heeft te gelden als (betaalde) werktijd, indien de werknemer voor zijn werkgever op een arbeidsplaats aanwezig dient te zijn (HvJ EG, 3 oktober 2000, nr. C-303/98 en HvJ EG 9 september 2003 (…). Dit neemt niet weg dat van een werknemer kan worden verlangd, dat hij tijdens deze wachttijd (onbetaalde) pauze opneemt. In de Arbeidstijdenwet zijn slechts minimumnormen voor pauze opgenomen. Om te voorkomen dat het leeglooprisico (het risico dat er geen werk is voor de chauffeurs) wordt afgewenteld op de werknemer, voorziet de CAO Taxivervoer in een pauzeregeling, waarin de pauze wordt gemaximeerd. De CAO partijen hebben er kennelijk voor gekozen, deze maximering alleen te laten gelden “buiten standplaats”.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1db60efb7795ec678cc29fbc39d4e452689c9f616e00061c3e228fcfa5f089e9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1db60efb7795ec678cc29fbc39d4e452689c9f616e00061c3e228fcfa5f089e9, en de alinea staat in dat document op bytes 73466 tot 74332.