Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 oktober 2016
Onder 3.38 Parket bij de Hoge Raad 7 oktober 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 oktober 2016, ECLI:NL:PHR:2016:987.
In zijn uitspraak van 3 oktober 2000 heeft het HvJEG in algemene zin overwogen dat Richtlijn 93/104/EG, één van de voorgangers van de Arbeidstijdenrichtlijn, het begrip ‘arbeidstijd’ definieert als de tijd waarin de werknemer werkzaam is, ter beschikking van de werkgever staat en zijn werkzaamheden of functie uitoefent, overeenkomstig de nationale wetten en/of gebruiken. Het HvJEG heeft verder overwogen dat het begrip ‘arbeidstijd’ in het systeem van Richtlijn 93/104 staat tegenover de ‘rusttijd’, welke twee begrippen elkaar uitsluiten. In zijn uitspraak van 9 september 2003 heeft het HvJEG dit herhaald. In die zaak ging het om werknemers/artsen die beschikbaarheidsdiensten hadden. Zij dienden in het ziekenhuis aanwezig te zijn en, indien nodig, beroepswerkzaamheden te vervullen. In de zaak die leidde tot de uitspraak van 3 oktober 2000 ging het om werknemers/artsen die dienstperiodes hadden en fysiek aanwezig diende te zijn in gezondheidscentra. In beide zaken werden de dienstperiodes dan wel beschikbaarheidsdiensten aangemerkt als arbeidstijd. Anders dan de klacht suggereert, is voor de vraag of sprake is van arbeidstijd niet relevant of een chauffeur tijdens de tijd dat hij moet wachten op passagiers al dan niet fysiek aanwezig is in de instelling van de werkgever. De klacht faalt reeds hierom. Daarbij komt dat de enkele mogelijkheid dat taxichauffeurs zich vrijwillig kunnen afmelden, niet betekent dat de redenering van het hof, dat in de regel (betaalde) arbeidstijd van een chauffeur bestaat uit rijtijd en wachttijd, onbegrijpelijk is. Zoals het hof in rov. 6.3 terecht overweegt, is het niet goed denkbaar dat telkens dat een chauffeur wil werken, voor hem ook direct een rit beschikbaar is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1db60efb7795ec678cc29fbc39d4e452689c9f616e00061c3e228fcfa5f089e9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1db60efb7795ec678cc29fbc39d4e452689c9f616e00061c3e228fcfa5f089e9, en de alinea staat in dat document op bytes 85998 tot 87974.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1db60efb7795ec678cc29fbc39d4e452689c9f616e00061c3e228fcfa5f089e9 | shasum -a 256