Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 januari 2016

Alinea 122 Parket bij de Hoge Raad 5 januari 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 januari 2016, ECLI:NL:PHR:2016:99.

29. Ten derde wordt geklaagd dat het hof - in het licht van hetgeen daartegen door de verdediging is aangevoerd - onbegrijpelijk, althans onvoldoende heeft gemotiveerd waarom het redengevend heeft geacht dat de paraplu die verdachte die avond bij zich droeg de bewuste nacht samen met de paraplu van aangeefster is aangetroffen in de nabijheid van de plaats delict. Het hof heeft in zijn bewijsmotivering uiteengezet waarom het genoemde omstandigheid redengevend heeft geacht voor de bewezenverklaring en dat acht ik niet onbegrijpelijk. Dat de steller van het middel daar anders over denkt, maakt dat oordeel niet onbegrijpelijk. Dat het hof daarbij niet expliciet is ingegaan op de door de verdediging aangevoerde omstandigheid dat het niet voor de hand ligt dat verdachte, indien hij de dader zou zijn geweest, zijn eigen paraplu en de paraplu van het slachtoffer (zou inklappen en vervolgens) keurig naast elkaar in de berm zou leggen, doet aan de toereikendheid van de motivering evenmin af. Het hof is niet gehouden om op elk detail van een gevoerd bewijsverweer in te gaan , terwijl bovendien in de toelichting op het middel weliswaar is aangegeven op welk ‘standpunt’ wordt gedoeld maar niet (laat staan met voldoende precisie) is aangegeven waaruit blijkt dat een en ander inderdaad ten overstaan van het hof is aangevoerd en welke ‘ondubbelzinnige conclusie’ daaraan is verbonden. Ook deze klacht faalt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/690a00694f31bc1eafeddd137301129975bdf3c299c98d42752ef80a0f6e7080. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 690a00694f31bc1eafeddd137301129975bdf3c299c98d42752ef80a0f6e7080, en de alinea staat in dat document op bytes 69448 tot 71010.