Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 januari 2016
Alinea 59 Parket bij de Hoge Raad 5 januari 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 januari 2016, ECLI:NL:PHR:2016:99.
23. Daarbij wil ik het volgende vooropstellen. Ingevolge art. 359, tweede lid, Sv en volgens vaste rechtspraak van de Hoge Raad dwingt alleen een ten overstaan van de rechter uitdrukkelijk naar voren gebracht standpunt dat duidelijk is, door argumenten is geschraagd en is voorzien van een ondubbelzinnige conclusie bij niet-aanvaarding tot een nadere motivering. Daarbij geldt dat in het cassatiemiddel met voldoende precisie moet worden aangeduid op welk met argumenten onderbouwd standpunt de klacht het oog heeft. Voorts geldt onder meer i) dat de motiveringsplicht slechts geldt bij de niet-aanvaarding van een ter terechtzitting ingenomen en "uitdrukkelijk onderbouwd standpunt", ii) dat de omvang van de motiveringsplicht afhankelijk is van de aard van het onderwerp en de mate waarin wordt afgeweken van het ingenomen standpunt, en iii) dat de motiveringsplicht niet zo ver gaat dat bij de niet-aanvaarding van een "uitdrukkelijk onderbouwd standpunt" op ieder detail van de argumentatie moet worden ingegaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/690a00694f31bc1eafeddd137301129975bdf3c299c98d42752ef80a0f6e7080. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 690a00694f31bc1eafeddd137301129975bdf3c299c98d42752ef80a0f6e7080, en de alinea staat in dat document op bytes 34553 tot 35647.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/690a00694f31bc1eafeddd137301129975bdf3c299c98d42752ef80a0f6e7080 | shasum -a 256