Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 januari 2016

Alinea 76 Parket bij de Hoge Raad 5 januari 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 januari 2016, ECLI:NL:PHR:2016:99.

Uit het dossier, in het bijzonder uit de reconstructie (dossierpagina 486), volgt dat de paraplu die verdachte de bewuste nacht bij zich droeg is aangetroffen aan de zijde en locatie van de weg waar aangeefster aangeeft in de bosschages te zijn geduwd en te zijn gewurgd, te weten aan de linkerzijde van de weg, gezien vanuit de richting Renesse en (toevoeging hof: gaande in de richting van Burgh- Haamstede) en wel naast de paraplu van aangeefster zelf. Het hof acht het niet aannemelijk dat verdachte zijn paraplu daar zou hebben neergelegd tijdens zijn zoektocht naar het meisje, zoals hij zelf heeft aangevoerd, terwijl hij haar aan de overzijde van de weg in de sloot heeft aangetroffen. Het hof acht het veeleer aannemelijk dat de dader zijn paraplu op de grond heeft achtergelaten voorafgaand aan de verwurging van het slachtoffer aldaar. Dit geldt temeer nu hij het slachtoffer - blijkens haar verklaring - met beide handen heeft verwurgd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/690a00694f31bc1eafeddd137301129975bdf3c299c98d42752ef80a0f6e7080. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 690a00694f31bc1eafeddd137301129975bdf3c299c98d42752ef80a0f6e7080, en de alinea staat in dat document op bytes 42579 tot 43540.