Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 augustus 2016
Onder 2.7. Parket bij de Hoge Raad 26 augustus 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 augustus 2016, ECLI:NL:PHR:2016:997.
Bij anti-psychotische medicatie is de werking en zijn eventuele bijwerkingen niet altijd te voorspellen. Voorstelbaar is dat de voor de behandeling verantwoordelijke arts om deze reden zich de ruimte wil verschaffen om de effecten van de door hem/haar voorgeschreven medicatie tussentijds te evalueren en deze zo nodig bij te stellen. Zo ook in dit geval: de omschrijving in de kennisgeving heeft enigszins het karakter van een ‘kaderbesluit’, want de mogelijkheid om “op geleide van de werking en bijwerkingen” de dosering te verhogen tot maximaal 300 mg is al bij voorbaat ingebouwd. Het gaat in dit geval op depotinjecties, die gedurende enige tijd uitwerking in het lichaam van de patiënt hebben. Klager heeft in deze klachtzaak niet het standpunt verdedigd dat voor iedere injectie afzonderlijk een schriftelijk en gemotiveerd besluit van de arts vereist is. Dit neemt niet weg, dat ook bij een dergelijk ‘kader stellend’ medicatievoorschrift de eis mag worden gesteld dat de arts de maximale duur van de onvrijwillige behandeling met medicatie afweegt en in het besluit schriftelijk vastlegt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6d96aff9fe67fa98b5ecfa30d9ac3e917cbe8e909bead8aaabca969af6cb2d24. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6d96aff9fe67fa98b5ecfa30d9ac3e917cbe8e909bead8aaabca969af6cb2d24, en de alinea staat in dat document op bytes 16870 tot 17994.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6d96aff9fe67fa98b5ecfa30d9ac3e917cbe8e909bead8aaabca969af6cb2d24 | shasum -a 256