Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 september 2017
Onder 3.6 Parket bij de Hoge Raad 25 september 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 september 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1008.
Voor een analoge toepassing van deze jurisprudentie bestaat naar de mening van het College alle aanleiding. Wanneer een verzoek om gegevens in het kader van artikel 40 van de Wet WOZ wordt gedaan zonder dat tevens bezwaar wordt gemaakt of beroep wordt ingesteld tegen een belastingaanslag, is in hoger beroep de ABRvS de bevoegde rechter (Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 2 februari 2016, 15/00046, ECLI:NL:GHARL:2016:639). Deze legt als maatstaf voor de vraag of de gevraagde gegevens moeten worden verstrekt (mede) aan of de gevraagde gegevens al dan niet in bestaande documenten zijn neergelegd (ABRvS, 5 juni 2013, nr. 201204362/1/A3, ECLI:NL:RVS:2013:CA2102).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d2f3fc358b91c45d1bb5851b1e79b8bb0334f362b586cbae11365993c7d593d8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d2f3fc358b91c45d1bb5851b1e79b8bb0334f362b586cbae11365993c7d593d8, en de alinea staat in dat document op bytes 70059 tot 70734.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d2f3fc358b91c45d1bb5851b1e79b8bb0334f362b586cbae11365993c7d593d8 | shasum -a 256