Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 september 2017
Onder 4.2.5. Parket bij de Hoge Raad 25 september 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 september 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1008.
Opmerking verdient nog dat in een geval als het onderhavige, waarin geen bezwaar openstaat tegen een ingevolge de belastingwet genomen besluit of een daarmee gelet op het hiervoor in 4.2.3 overwogene gelijk te stellen besluit, en daartegen niettemin bezwaar wordt gemaakt, de inspecteur dat bezwaar bij zijn uitspraak niet-ontvankelijk dient te verklaren. De belastingrechter is wel bevoegd kennis te nemen van het beroep tegen de uitspraak die de inspecteur op een zodanig bezwaar heeft gedaan. Bij zijn oordeel over de gegrondheid van een dergelijk beroep dient de belastingrechter te beoordelen of inderdaad sprake is van een ingevolge de belastingwet genomen besluit waartegen geen bezwaar openstaat. De Hoge Raad verwijst hiertoe naar zijn arrest van 1 maart 2000, nr. 35041, ECLI:NL:HR:2001:AA4984, BNB 2000/171. Dat arrest had weliswaar betrekking op de tot 1 januari 2005 geldende tekst van artikel 26 AWR, maar met de wijziging van die bepaling per 1 januari 2005 is geen inhoudelijke wijziging op dit punt beoogd (zie HR 5 maart 2010, nr. 08/01707, ECLI:NL:HR:2010:BL6423, BNB 2010/167).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d2f3fc358b91c45d1bb5851b1e79b8bb0334f362b586cbae11365993c7d593d8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d2f3fc358b91c45d1bb5851b1e79b8bb0334f362b586cbae11365993c7d593d8, en de alinea staat in dat document op bytes 112924 tot 114034.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d2f3fc358b91c45d1bb5851b1e79b8bb0334f362b586cbae11365993c7d593d8 | shasum -a 256