Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 september 2017

Onder 5.22 Parket bij de Hoge Raad 25 september 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 september 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1008.

Ik wil voorop stellen dat de door het College gepercipieerde rechtsongelijkheid ten gevolge van andersluidende uitspraken van enerzijds de ABRvS en de anderzijds de Hoge Raad, geen directe grond kan zijn om de in casu bestreden uitspraak van het Hof te vernietigen. In fiscale zaken wordt gevaren op de rechtsoordelen van (de belastingkamer van) de Hoge Raad. Dat neemt overigens niet weg dat rechtseenheid in oordelen van de hoogste bestuursrechtelijke rechtscolleges in principe wenselijk is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d2f3fc358b91c45d1bb5851b1e79b8bb0334f362b586cbae11365993c7d593d8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d2f3fc358b91c45d1bb5851b1e79b8bb0334f362b586cbae11365993c7d593d8, en de alinea staat in dat document op bytes 148380 tot 148951.