Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 september 2017

Onder 5.7 Parket bij de Hoge Raad 25 september 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 september 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1016.

Blijkens de toelichting op het eerste cassatiemiddel, betoogt belanghebbende (evenals in hoger beroep) dat er gevallen kunnen zijn waarin de verruimde achterwaartse verliesverrekening niet meer kan worden geëffectueerd, omdat de verliesverrekeningsbeschikking pas na het einde van de bezwaartermijn is ontvangen. Derhalve moet volgens belanghebbende voor de fatale termijn worden aangesloten bij de verliesverrekeningsbeschikking, in plaats van bij het onherroepelijk worden van de aanslag. Belanghebbende stelt ook dat indien de verliesverrekeningsbeschikking wel binnen zes weken na het vaststellen van de aanslag wordt ontvangen (zoals in casu het geval is), het onrechtvaardig is om als fatale termijn aan te sluiten bij het onherroepelijk worden van de aanslag, nu belastingplichtigen dan een kortere termijn dan zes weken kunnen hebben om bezwaar te maken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/db5fa2868fffb43563a379bb4caf24eeeb2936e685365a5846852c9b2629f326. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt db5fa2868fffb43563a379bb4caf24eeeb2936e685365a5846852c9b2629f326, en de alinea staat in dat document op bytes 102834 tot 103809.