Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 augustus 2017

Alinea 97 Parket bij de Hoge Raad 29 augustus 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 augustus 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1021.

41. Ingevolge art. 415 Sv jo. art. 365a lid 3 Sv dient de aanvulling op het arrest binnen vier maanden na aanwenden van het rechtsmiddel te geschieden (dan wel binnen drie maanden indien de verdachte zich alsdan terzake van het ter terechtzitting onderzochte feit in voorlopige hechtenis bevindt). Het arrest van het hof is gedateerd 11 november 2015. Op 23 november 2015 is namens verdachte beroep in cassatie ingesteld. De bijlage met bewijsmiddelen bij het arrest dateert van 18 augustus 2016, inderdaad ruim negen maanden na het wijzen van het arrest. Het niet tijdig aanvullen van het arrest, zoals in casu het geval is, leidt evenwel niet tot nietigheid. Nu ook de omstandigheid dat de beslissing op het door de verdediging gedane verzoek is opgenomen in de aanvulling niet leidt tot vernietiging van het arrest, zoals uiteengezet bij de beantwoording van het vierde middel, faalt het middel.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f4cd2df58b25535feb815ccfc5319c57744bf06ba8f93cb5bd24179ddd3d6fac. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f4cd2df58b25535feb815ccfc5319c57744bf06ba8f93cb5bd24179ddd3d6fac, en de alinea staat in dat document op bytes 38773 tot 39749.