Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 september 2017

Onder 6.2. Parket bij de Hoge Raad 25 september 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 september 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1081.

Ter zitting van de Afdeling heeft de burgemeester desgevraagd verklaard dat de verklaringen van de broer van verhuurder, de bewindvoerder en de wijkagent, de aangifte van verhuurder en de lijst van antecedenten van wederpartij niet bij de rechtbank zijn overgelegd. Daarbij heeft hij toegelicht dat het bij een procedure over de oplegging van een huisverbod ongebruikelijk en ongewenst wordt geacht om de aangifte en lijst van antecenten over te leggen. Dit laat evenwel onverlet dat de burgemeester zijn besluit mede op deze stukken heeft gebaseerd en dat hij ingevolge artikel 8:42, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) gehouden is de op de zaak betrekking hebbende stukken over te leggen. Desgewenst kan hij daarbij een beroep op artikel 8:29 van de Awb doen. De rechtbank beschikte derhalve ten onrechte niet over alle op de zaak betrekking hebbende stukken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/72035bfa16073443c821fc468a2a20c05470c559b5ddcbf59205d0093fa3d1c3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 72035bfa16073443c821fc468a2a20c05470c559b5ddcbf59205d0093fa3d1c3, en de alinea staat in dat document op bytes 269938 tot 270837.