Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 september 2017

Onder 4.2.5 Parket bij de Hoge Raad 25 september 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 september 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1081.

Een regel die het fiscale procesrecht tot 1 september 1999 niet kende is dat de wet het bestuursorgaan verplicht de op de zaak betrekking hebbende stukken bij het verweerschrift te voegen en aan de rechtbank toe te sturen (art. 8:42, eerste lid, Awb). Wat moeten we nu verstaan onder ‘de op de zaak betrekking hebbende stukken’? Het criterium is of een stuk van enig belang kan zijn (geweest) voor de besluitvorming, aldus de HR (waarbij het in belastingzaken meestal om de vaststelling van de aanslag gaat). Dit criterium gaat verder dan het door de regering geformuleerde criterium bij de parlementaire behandeling van het herziene fiscale procesrecht: alle stukken die bij de besluitvorming door het bestuursorgaan een rol hebben gespeeld (zie ook 2.4.2). Als voorbeeld van stukken die niet aan dit criterium voldoen noemde de regering niet-openbare gedeelten van controlerapporten die hoofdzakelijk controle-strategische informatie ten behoeve van toekomstige controles bevatten. De maatstaf die de HR aanlegt is – mijns inziens terecht – ruimer dan die van de regering: tot de op de zaak betrekking hebbende stukken behoren ook stukken die geen rol hebben gespeeld bij de besluitvorming maar mogelijk wel relevant zijn. Dat de verplichting alle op de zaak betrekking hebbende stukken over te leggen verder gaat dan de regering wil is ook af te leiden uit een uitspraak van de CRvB. Deze verlangt van het bestuursorgaan ook dat het nader verkregen relevante informatie overlegt. Het achterhouden van zulke informatie acht hij in flagrante strijd met een goede procesorde en met name met de wijze waarop een bestuursorgaan zich als procespartij dient te gedragen. Een stuk dat voor de besluitvorming van belang ís geweest is uiteraard een op de zaak betrekking hebbend stuk. De over te leggen stukken moeten wel betrekking hebben op de beoordeling van de aanslag in kwestie. De vraag of tot de op de zaak betrekking hebbende stukken als regel ook aan het bestuursorgaan uitgebrachte adviezen (zowel interne als externe adviezen) behoren wordt door de niet-fiscale bestuursrechters niet eensluidend beantwoord. De lagere belastingrechter heeft beslist dat het advies van een kennisgroep een op de zaak betrekking hebbend stuk is (zie ook 3.7.3.2). Tot de op de zaak betrekking hebbende stukken kunnen ook stukken behoren die betrekking hebben op derden. Men denke daarbij bijvoorbeeld aan branchegegevens en, bij geschillen over de waarde van panden, aan gegevens over referentiepanden. Voor zover het bestuursorgaan zich daarbij beroept op art. 8:29 Awb en/of art. 67 AWR verwijs ik naar 3.7.3.2. Alle potentieel relevante verslagen (dus geen door de inspecteur gemaakte selectie daaruit) van gesprekken die tijdens het boekenonderzoek zijn gevoerd met in het bedrijf van de belanghebbende werkzame personen zijn in hun originele vorm (dus niet geanonimiseerd) op de zaak betrekking hebbende stukken. Voor de belastingplichtige en voor de rechter is meestal moeilijk te controleren of inderdaad alle op de zaak betrekking hebbende stukken zijn bijgevoegd. Is dat niet het geval – en soms is dat duidelijk – , dan dient de rechter het bestuursorgaan te gelasten de ontbrekende stukken alsnog over te leggen. Wat nu als de belanghebbende zich op het standpunt stelt dat een stuk waarover de inspecteur beschikt moet worden overgelegd omdat het op de zaak betrekking heeft maar de inspecteur dit betwist? Volgens de HR kan het standpunt van de inspecteur niet doorslaggevend zijn omdat het mede berust op feiten die de belanghebbende en de rechter niet bekend zijn. In beginsel moet de inspecteur dat stuk daarom overleggen. Dat hoeft hij niet te doen wanneer hij zich beroept op art. 8:29 Awb en de rechter dit beroep gerechtvaardigd acht (zie 3.7.3.2). Hij hoeft dat evenmin te doen bij misbruik van procesrecht. Hiervan kan men pas spreken wanneer de belanghebbende in redelijkheid geen aanspraak op inzage kan maken omdat het belang van de belastingadministratie anders onevenredig zou worden geschaad.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/72035bfa16073443c821fc468a2a20c05470c559b5ddcbf59205d0093fa3d1c3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 72035bfa16073443c821fc468a2a20c05470c559b5ddcbf59205d0093fa3d1c3, en de alinea staat in dat document op bytes 300554 tot 304586.