Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 september 2017
Onder 4.26 Parket bij de Hoge Raad 25 september 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 september 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1081.
Op 3 april 2009 heeft de Hoge Raad overwogen dat gespreksverslagen ‘in hun originele vorm, dat wil zeggen zonder dat de daarin voorkomende namen onleesbaar zijn gemaakt, tot de op de zaak betrekking hebbende stukken [behoren]’ en dat het gerechtshof ‘vervolgens [diende] te beoordelen of die weigering werd gerechtvaardigd door gewichtige redenen’ als bedoeld in artikel 8:29 van de Awb’. Ik merk op dat het zich in dat kader kan voordoen dat (de geheimhoudingskamer van) een rechtbank of hof komt tot gedeeltelijke geheimhouding en daarmee tot beperkte kennisname van de inhoud van stukken door belanghebbende, doordat daarin passages en/of namen zijn weggelaten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/72035bfa16073443c821fc468a2a20c05470c559b5ddcbf59205d0093fa3d1c3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 72035bfa16073443c821fc468a2a20c05470c559b5ddcbf59205d0093fa3d1c3, en de alinea staat in dat document op bytes 362584 tot 363336.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/72035bfa16073443c821fc468a2a20c05470c559b5ddcbf59205d0093fa3d1c3 | shasum -a 256