Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 september 2017

Onder 4.32 Parket bij de Hoge Raad 25 september 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 september 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1081.

Het gaat er niet om of een belanghebbende kennelijk ‘baat’ zal hebben bij de overlegging van bepaalde stukken. De Hoge Raad heeft bij arrest van 23 mei 2014 geoordeeld dat ‘de verplichting ingevolge artikel 8:42 Awb om de op de zaak betrekking hebbende stukken over te leggen (…) ongeacht [geldt] of de belanghebbende gebaat is bij het overleggen van de desbetreffende stukken of dat de belanghebbende is geschaad in zijn belangen indien deze stukken niet worden overgelegd’.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/72035bfa16073443c821fc468a2a20c05470c559b5ddcbf59205d0093fa3d1c3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 72035bfa16073443c821fc468a2a20c05470c559b5ddcbf59205d0093fa3d1c3, en de alinea staat in dat document op bytes 368449 tot 368948.