Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 september 2017
Onder 2.22 Parket bij de Hoge Raad 29 september 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 september 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1083.
Algemeen wordt aangenomen dat de uitsluiting van art. 3, onder a LLMC (art. 8:753 lid 1, aanhef en onder a, BW) alleen betrekking heeft op de rechtstreekse vordering van de hulpverlenende partij op de betrokken scheepseigenaar dan wel op de rechtstreekse vordering tot betaling van een bijdrage in avarij-grosse. De verhaals- of regresvordering, mits deze onder het bereik valt van een van de vorderingen genoemd in art. 2 LLMC, is wél onderhevig aan beperking. Uit de uitspraak van de Engelse Admiralty Court inzake The Breydon Merchant , waarin geoordeeld werd dat een regresvordering op de scheepseigenaar in verband met de betaling van bluskosten aan derden niet was uitgesloten van beperking, wordt afgeleid dat het niet de aard van de oorspronkelijke vordering uit hulpverlening, maar de aard van de regresvordering is die bepaalt hoe de vordering moet worden geclassificeerd en daarmee of deze vatbaar is voor beperking. In The Breydon Merchant betekende dit dat de ingestelde vordering tot verhaal van kosten uit hulpverlening niet werd aangemerkt als een (niet te beperken) vordering uit hulpverlening, maar als een (wel te beperken) vordering uit breach of contract .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/62f4e80eadc87a9b063b9700fdb1019fcdb19bafda2858f010a6a28930ea0f67. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 62f4e80eadc87a9b063b9700fdb1019fcdb19bafda2858f010a6a28930ea0f67, en de alinea staat in dat document op bytes 45178 tot 46734.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/62f4e80eadc87a9b063b9700fdb1019fcdb19bafda2858f010a6a28930ea0f67 | shasum -a 256