Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 oktober 2017
Onder 2.28. Parket bij de Hoge Raad 13 oktober 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 oktober 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1099.
Met betrekking tot de stelling onder d het volgende. Dat door JBZ in het buitengerechtelijke traject en in eerste aanleg werd aangenomen dat een ingebrekestelling nodig was (in de vorm van de brief van 13 juli 2011, waarin Alert c.s. een laatste kans werd geboden), is inderdaad juist. Die brief ziet echter niet op het niet halen van de termijn van 28 februari 2011 voor de eerste IAT. Dat JBZ er aanvankelijk van is uitgegaan dat een ingebrekestelling op andere punten nodig was, is geen essentiële stelling die (met zoveel woorden) door het hof in de beoordeling had moeten worden betrokken. Het stond aan JBZ op grond van de herstelfunctie van het hoger beroep vrij om haar standpunt bij memorie van grieven bij te stellen en het hof diende dat bijgestelde standpunt op waarde te schatten. Het aanvankelijke standpunt van JBZ is in dat verband niet essentieel.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ca85f54e6a93053661ed120bd357721c9702dde349258f403c1d70ce64032ee3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ca85f54e6a93053661ed120bd357721c9702dde349258f403c1d70ce64032ee3, en de alinea staat in dat document op bytes 63763 tot 64641.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ca85f54e6a93053661ed120bd357721c9702dde349258f403c1d70ce64032ee3 | shasum -a 256