Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 oktober 2017
Onder 2.64. Parket bij de Hoge Raad 13 oktober 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 oktober 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1099.
Tegen welke rechtsoverweging(en) van het hof dit subonderdeel zich richt is niet direct duidelijk. Ik begrijp dat de klacht gericht is tegen de overwegingen van het hof over de wettelijke grondslag van de schadevergoedingsplicht van Alert c.s. (rechtsoverweging 6.3 e.v. van het eindarrest van 9 augustus 2016) en dus niet tegen het oordeel van het hof over de vraag of JBZ op grond van artikel 23.8 van de Raamovereenkomst tot ontbinding over mocht gaan (rechtsoverwegingen 3.12.2 en 3.15, waartegen subonderdeel 4.3 zich richt). Aldus begrepen kan de klacht niet slagen. Dit omdat met het in stand blijven van de rechtsoverwegingen 3.12.2 en 3.15 vaststaat dat JBZ op grond van artikel 23.8 van de Raamovereenkomst (bij wijze van contractuele anticipatory breach) tot ontbinding over mocht gaan, zodat toewijzing van de in art. 6:277 BW bedoelde ontbindingsschade rechtens niet onjuist is. Ten overvloede nog: het subonderdeel lijkt art. 6:277 BW op te vatten als een zelfstandige grondslag voor schadevergoeding, met als voorwaarde dat de overeenkomst is ontbonden. Dat is geen juiste duiding. Art. 6:277 BW stelt wat betreft de schadeplichtigheid van de tekortschietende schuldenaar geen andere of verdergaande eisen dan voortvloeien uit art. 6:74 BW.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ca85f54e6a93053661ed120bd357721c9702dde349258f403c1d70ce64032ee3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ca85f54e6a93053661ed120bd357721c9702dde349258f403c1d70ce64032ee3, en de alinea staat in dat document op bytes 97954 tot 99350.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ca85f54e6a93053661ed120bd357721c9702dde349258f403c1d70ce64032ee3 | shasum -a 256