Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 februari 2017

Onder 1.5. Parket bij de Hoge Raad 24 februari 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 februari 2017, ECLI:NL:PHR:2017:110.

Bij vonnis van 30 november 2015 heeft de voorzieningenrechter de vordering van de gebruikers afgewezen op grond van, samengevat, de volgende overwegingen. De voorzieningenrechter verwierp het primaire standpunt van de gebruikers over de uitleg van het vonnis. In het kort gedingvonnis van 13 juli 2015 is bij het afwijzen van de gevorderde ontruiming onder meer overwogen, dat aannemelijk is dat bij nadere concretisering van de plannen zal blijken dat werkzaamheden moeten worden verricht waarvoor een vergunning nodig is, en ook: dat moet worden onderzocht of een ontheffing nodig is op grond van de Flora- en faunawet. Ten aanzien van de gevorderde toegang werd in dat vonnis overwogen dat Chidda c.s. toegang tot het terrein dienen te krijgen om de plannen te kunnen uitwerken. Dat hieronder niet slechts het enkele bezichtigen valt, maar al hetgeen nodig is om Chidda c.s. in staat te stellen die plannen te maken, waaronder ook het doen van onderzoek ten behoeve van (onder meer) vergunningaanvragen, achtte de voorzieningenrechter evident. Een andere uitleg zou onbegrijpelijk zijn: hoe zouden Chidda c.s. immers ooit verder kunnen komen met het terrein als zij op het terrein niet meer zouden mogen doen dan ‘rondkijken’? (rov 5.2). De subsidiaire grondslag (misbruik van recht) leidde evenmin tot toewijzing van de vordering. Chidda c.s. hebben als eigenaar wel degelijk een in redelijkheid te respecteren belang bij gebruikmaking van hun bevoegdheid om het terrein te betreden. De executie ziet slechts op de aan Chidda c.s. te verlenen toegang tot het terrein en het doen uitvoeren van werkzaamheden en/of onderzoeken die zij nodig heeft voor het maken van plannen, waaronder begrepen de vergunningaanvragen. Van een juridische of een feitelijke misslag in het kort gedingvonnis van 13 juli 2015 is voorshands niet gebleken. De gebruikers hebben onvoldoende onderbouwd dat sprake is van nieuwe (na het vonnis voorgevallen of aan het licht gekomen) feiten waardoor aan de zijde van de gebruikers een noodtoestand zal ontstaan (rov. 5.3 - 5.4). De afwijzing van de vordering van de gebruikers brengt mee dat niet is voldaan aan de voorwaarde waaronder de vordering in reconventie door Chidda c.s. was ingesteld, (rov. 5.5).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d3041d6e5c0f77cf428b6dd382c64cdff8be6dfb7ee717d2785c0d1192e14f76. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d3041d6e5c0f77cf428b6dd382c64cdff8be6dfb7ee717d2785c0d1192e14f76, en de alinea staat in dat document op bytes 13522 tot 15771.