Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 augustus 2017

Alinea 83 Parket bij de Hoge Raad 29 augustus 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 augustus 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1126.

8. Volgens de steller van het middel spelen in de onderhavige zaak “voor betreft het hanteren van de schakelbewijsconstructie drie voorname problemen”, die ik hierna deelklachten zal noemen, te weten: (i) er is geen sprake van een zeer typerende modus operandi; (ii) niet in alle Doetinchemse zaken is steeds (op essentiële punten) op dezelfde wijze gehandeld en (iii) er is geen feit bewezenverklaard waarvan kan worden gezegd dat dat naar het oordeel van het hof ook zonder hantering van schakelbewijs bewezenverklaard kon worden. In de toelichting op het middel wordt daarop puntsgewijs nader ingegaan, maar daarbij zij hier reeds opgemerkt dat zij een hoog feitelijk gehalte heeft, terwijl het ter zake in hoger beroep gevoerde verweer, zoals hierboven weergegeven, aan de magere kant genoemd kan worden mede in aanmerking genomen dat ten aanzien van de Doetinchemse feiten ook al de rechtbank zich van schakelbewijs had bediend en de verdediging daarop in hoger beroep voorbereid had kunnen zijn. In cassatie leent het oordeel van het hof zich daarom voor een terughoudende toetsing, lijkt mij.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aad5bb23859ceea7bf32e134c59dfe90b308551827059a4175c40d41cd866e66. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aad5bb23859ceea7bf32e134c59dfe90b308551827059a4175c40d41cd866e66, en de alinea staat in dat document op bytes 32129 tot 33249.