Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 februari 2017
Onder 4.14 Parket bij de Hoge Raad 17 februari 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 februari 2017, ECLI:NL:PHR:2017:113.
De hiervoor genoemde argumenten voor toepassing van het materiële einde van de schuldsaneringsregeling in de zin van art. 349a Fw, gelden m.i. ook voor het onderhavige geval. Uit de wetsgeschiedenis volgt dat de wetgever een recidiverende schuldenaar voor een termijn van tien jaar de toegang tot de schuldsanering heeft willen ontzeggen. Aan deze tienjaarstermijn (lees: de imperatieve afwijzingsgrond van art. 288 lid 2 sub d Fw) wordt blijkens de rechtspraak van de Hoge Raad strikt de hand gehouden. Bij een dergelijke termijn past mijns inziens geen onduidelijkheid over het moment van ingang. Toepassing van het formele einde van de schuldsanering ex art. 356 lid 2 Fw, kan daarbij tot onredelijke uitkomsten leiden omdat de schuldenaar in dat geval in sterke mate afhankelijk is van de voortvarendheid waarmee de bewindvoerder te werk gaat bij het opstellen van de slotuitdelingslijst en van de vraag of de schuldeisers al dan niet beroep en cassatie instellen tegen het vonnis in de zin van art. 354 Rv dan wel in verzet gaan tegen de slotuitdelingslijst. Toepassing van de materiële termijn ex art. 349a Fw leidt mijns inziens dan ook tot een aanvaardbaarder resultaat, nu daarmee de onzekerheid over de aanvang van de tienjaarstermijn aan zijde van de schuldenaar wordt weggenomen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dd2887eed2331712a5dd78b8a337d224ad37ca5b476fe61e5eec94e7f4c622d4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dd2887eed2331712a5dd78b8a337d224ad37ca5b476fe61e5eec94e7f4c622d4, en de alinea staat in dat document op bytes 32381 tot 33751.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dd2887eed2331712a5dd78b8a337d224ad37ca5b476fe61e5eec94e7f4c622d4 | shasum -a 256