Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 oktober 2017
Onder 2.21 Parket bij de Hoge Raad 27 oktober 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 oktober 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1171.
Het ontbreken van voldoende belang kan m.i. worden gezien als een overkoepelend begrip waaronder zich verschillende situaties kunnen voordoen en dat in de rechtspraak aan de hand van verschillende casus kan worden ingevuld. Zo wordt in de literatuur wel de zwakke of te vage materiële rechtspositie van verzoeker als aparte afwijzingsgrond genoemd . Deze afwijzingsgrond, die wordt gebaseerd op de beschikking van de Hoge Raad van 29 maart 1985 , kan worden toegepast als iemand wel belang heeft bij het houden van een voorlopig getuigenverhoor, maar een te zwak of te vaag materieel recht om het houden van een voorlopig getuigenverhoor te rechtvaardigen. Maar in dat geval zou ook kunnen worden gezegd dat de verzoeker onvoldoende belang heeft bij toewijzing bij zijn verzoek.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/af7fdc654cce738f54860a85d27aa1222a11dda46474b047b0ea8fd4d220fe7b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt af7fdc654cce738f54860a85d27aa1222a11dda46474b047b0ea8fd4d220fe7b, en de alinea staat in dat document op bytes 32364 tot 33282.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/af7fdc654cce738f54860a85d27aa1222a11dda46474b047b0ea8fd4d220fe7b | shasum -a 256