Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 oktober 2017
Onder 3.14 Parket bij de Hoge Raad 27 oktober 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 oktober 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1176.
Opmerking verdient in dit verband dat het (hiervoor in randnummer 3.10 nog geciteerde) slot van rov. 10.5. tamelijk cryptisch is: het hof oordeelt daar dat, nu de akte geen dwingend bewijs oplevert van het bestaan van een koopovereenkomst omdat daarin een concrete, tot koop en verkoop strekkende verklaring ontbreekt, het aankomt op een vrije waardering van het voorhanden bewijs ex art. 152 Rv. Vervolgens overweegt het hof in het kader van de vrije bewijslevering slechts dat de akte niet kan bijdragen aan het bewijs van het probandum. Dit oordeel kan op twee manieren worden gelezen: (i) ofwel dat de akte niet als vrij bewijs kan dienen, (ii) ofwel dat de akte niet kan bijdragen aan het bewijs van de koopovereenkomst.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a51ec3c55a3ec26085bcb3f1befc2815ae2f2e74c75b3dbec2b72992e127c64d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a51ec3c55a3ec26085bcb3f1befc2815ae2f2e74c75b3dbec2b72992e127c64d, en de alinea staat in dat document op bytes 71415 tot 72153.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a51ec3c55a3ec26085bcb3f1befc2815ae2f2e74c75b3dbec2b72992e127c64d | shasum -a 256