Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 oktober 2017

Onder 3.20 Parket bij de Hoge Raad 27 oktober 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 oktober 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1176.

Ingevolge art. 164 lid 2 Rv kan een verklaring van een partijgetuige bewijs in het voordeel van deze partij opleveren, mits de verklaring strekt tot aanvulling op onvolledig bewijs. Deze bepaling brengt mee dat een rechter zijn oordeel dat het bewijs geleverd is niet uitsluitend mag baseren op een getuigenverklaring van de partij die de bewijslast draagt. Deze verklaring kan wel bijdragen aan dat bewijs, indien aanvullende bewijzen voorhanden zijn die zodanig sterk zijn en zodanig essentiële punten betreffen dat zij de partijgetuigenverklaring voldoende geloofwaardig maken. Het is daarom niet juist te stellen dat een verklaring van een partijgetuige reeds bij voorbaat van beperkte betekenis moet worden geacht: deze kan wel degelijk bijdragen aan het bewijs van gestelde feiten, mits ander bewijs voorhanden is waarin de verklaring steun vindt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a51ec3c55a3ec26085bcb3f1befc2815ae2f2e74c75b3dbec2b72992e127c64d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a51ec3c55a3ec26085bcb3f1befc2815ae2f2e74c75b3dbec2b72992e127c64d, en de alinea staat in dat document op bytes 76036 tot 77130.