Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 oktober 2017
Onder 2.18 Parket bij de Hoge Raad 27 oktober 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 oktober 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1176.
In haar conclusie na enquête heeft [eiseres] gereageerd op de getuigenverklaringen en aandacht gevraagd voor verschillende schriftelijke bewijsstukken. Volgens [eiseres] is tussen partijen reeds in januari 2010 overeenstemming bereikt over de verkoop, hetgeen blijkt uit de tussen partijen opgestelde akte van 30 maart 2010. Ingevolge art. 157 lid 2 Rv levert deze schriftelijke partijverklaring in een onderhandse akte dwingend bewijs op van de waarheid van die verklaring. Volgens [eiseres] blijkt uit de akte dat sprake is van een overeenkomst. Het betreft hier een koopovereenkomst, want de akte vermeldt ‘aankoop’ en dat deze betrekking heeft op ‘grond’. Uit de akte blijkt dat partijen overeenstemming hebben bereikt over de essentialia van de koop, maar ook over andere voorwaarden, te weten over een zakelijk recht en een kettingbeding.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a51ec3c55a3ec26085bcb3f1befc2815ae2f2e74c75b3dbec2b72992e127c64d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a51ec3c55a3ec26085bcb3f1befc2815ae2f2e74c75b3dbec2b72992e127c64d, en de alinea staat in dat document op bytes 31567 tot 32498.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a51ec3c55a3ec26085bcb3f1befc2815ae2f2e74c75b3dbec2b72992e127c64d | shasum -a 256