Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 november 2017
Onder 2.5 Parket bij de Hoge Raad 3 november 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 november 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1219.
Voor zover het subonderdeel berust op de lezing dat naar het oordeel van het hof geen sprake was van enige vordering van BMW op [G] , faalt het bij gebrek aan feitelijke grondslag. Geen van partijen heeft het bestaan van een vordering van BMW op [G] ontkend; partijen hebben slechts gedebatteerd over de hoogte ervan. Op een der in het subonderdeel aangegeven vindplaatsen (MvA nr. 56) heeft [eiser] gesteld dat BMW een vordering van ten minste € 1.800.000 op [G] had, zulks in reactie op de stelling van de curator dat de vordering van BMW op [G] waarschijnlijk slechts ca € 280.000 bedroeg (MvG nr. 56). Het oordeel van het hof moet dan ook kennelijk aldus worden begrepen dat geen sprake was van een door pandrecht (op de activa van [G] ) gedekte vordering van BMW op [G] , welke lezing bevestiging vindt in het oordeel dat met de aanwending van de opbrengst van (lees: de activa van) [G] de norm van art. 3:277 BW geschonden is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/08bd6bf7209ddf391b646a22bea1f08ca16d12f44f6cb003188769989f2c298b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 08bd6bf7209ddf391b646a22bea1f08ca16d12f44f6cb003188769989f2c298b, en de alinea staat in dat document op bytes 46141 tot 47195.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/08bd6bf7209ddf391b646a22bea1f08ca16d12f44f6cb003188769989f2c298b | shasum -a 256