Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 november 2017
Onder 2.22 Parket bij de Hoge Raad 3 november 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 november 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1219.
Voor zover het subonderdeel zich beroept op een pandrecht van ING op de vorderingen van de [de vennootschappen] vennootschappen (met uitzondering van [G] ) op elkaar en de hoofdelijke aansprakelijkheid tegenover ING, zie ik zonder duidelijke toelichting geen verband met (een pandrecht op de vordering op de koper tot betaling van) de koopsom inclusief het voor de goodwill overeengekomen bedrag; voor zover het onderdeel spreekt van een pandrecht “(van ING) op de vordering van één [de vennootschappen] vennootschap op [E] ter zake de vordering van ING op haar, waarvoor [E] aansprakelijk is” mist het feitelijke grondslag bij gebreke van een verwijzing naar vindplaatsen in de gedingstukken. Voor zover het onderdeel zich beroept op een pandrecht van ING in relatie tot de bij de verkoop door [E] gerealiseerde goodwill faalt het derhalve.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/08bd6bf7209ddf391b646a22bea1f08ca16d12f44f6cb003188769989f2c298b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 08bd6bf7209ddf391b646a22bea1f08ca16d12f44f6cb003188769989f2c298b, en de alinea staat in dat document op bytes 61546 tot 62470.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/08bd6bf7209ddf391b646a22bea1f08ca16d12f44f6cb003188769989f2c298b | shasum -a 256