Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 november 2017

Onder 3.2 Parket bij de Hoge Raad 3 november 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 november 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1219.

Het incidentele middel slaagt. Uit de in het middel aangehaalde vindplaatsen volgt dat de curator [D] B.V. op verschillende plaatsen heeft aangeduid als “ [M] ”. In MvG nr. 61 wordt onder het kopje “Verkoop [M] ” verwezen naar het proces-verbaal van de FIOD, par. 3.2.1.3.e. (p. 101 e.v.). Kennisneming daarvan leert dat de dealer activiteiten van de vestiging in [M] waren ondergebracht in de vennootschap [D] B.V., en dat uit een overeenkomst van 17 maart 2006 blijkt dat een nader omschreven deel van de activa en passiva van [D] B.V. is verkocht aan BMW. Het oordeel van het hof in rov. 3.22 berust kennelijk op naamsverwarring op dit punt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/08bd6bf7209ddf391b646a22bea1f08ca16d12f44f6cb003188769989f2c298b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 08bd6bf7209ddf391b646a22bea1f08ca16d12f44f6cb003188769989f2c298b, en de alinea staat in dat document op bytes 90228 tot 91087.