Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 november 2017

Onder 4.10. Parket bij de Hoge Raad 7 november 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 november 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1281.

“4.11. De identificatie van een of meerdere zelfstandige onroerende zaken voor de vorenbedoelde omzetbelastingdoeleinden moet, gezien de aard en het voorwerp van de samenloopvrijstelling, voor de toepassing van die vrijstelling worden gevolgd. Dat betekent dat voornoemde afspraak tussen [C] en de Inspecteur leidend is voor de toepassing van de samenloopvrijstelling, tenzij belanghebbende, als verkrijger voor overdrachtsbelasting-doeleinden, niet-zijnde partij bij die afspraak tussen [C] en de Inspecteur, niet gebonden is aan die afspraak. In dat laatste geval staat het belanghebbende vrij te betogen dat de kwalificatie waaraan haar rechtsvoorganger ([C]) en de Inspecteur zich hebben verbonden, is gebaseerd op een onjuiste rechtstoepassing.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2eafbde42b450d14cfb4fb89b470d2b0272c09a1dee49cb4f70d74957a37cdfb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2eafbde42b450d14cfb4fb89b470d2b0272c09a1dee49cb4f70d74957a37cdfb, en de alinea staat in dat document op bytes 43658 tot 44425.