Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 november 2017
Onder 2.39 Parket bij de Hoge Raad 24 november 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 november 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1282.
Dit mist feitelijke grondslag, omdat het hof in de aangevallen passages niet de subjectieve wil of de bedoeling van de aanvrager laat meewegen bij het bepalen van de beschermingsomvang, maar heeft beoordeeld hoe de gemiddelde vakman de beschrijving zou begrijpen, waarbij het mede in aanmerking heeft genomen of de gemiddelde vakman zou aannemen dat de octrooihouder er bewust voor heeft gekozen alleen de in paragraaf 7 genoemde zouten van rosuvastatine onder bescherming te stellen. Het gaat daar dus niet om de subjectieve wil van de octrooihouder/aanvrager, zoals de klacht ten onrechte aanvoert, maar om de vraag wat de gemiddelde vakman zou begrijpen op de prioriteitsdatum – en dat is de juiste insteek.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/79ef7cf21a0854c9b4ac584196e46fd4b25c966173517a1165dc49186b86672a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 79ef7cf21a0854c9b4ac584196e46fd4b25c966173517a1165dc49186b86672a, en de alinea staat in dat document op bytes 145660 tot 146385.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/79ef7cf21a0854c9b4ac584196e46fd4b25c966173517a1165dc49186b86672a | shasum -a 256