Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 november 2017

Onder 2.72 Parket bij de Hoge Raad 24 november 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 november 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1282.

Het subonderdeel neemt verder ten onrechte tot uitgangspunt dat er sprake zou zijn van “veralgemenisering”; dat mist feitelijke grondslag. Resolution wil hier ten onrechte een situatie van maken dat de oorspronkelijke aanvrage een brede algemene openbaarmaking bevat aan de ene kant, terwijl aan de andere kant sprake is van specifieke voorbeelden, terwijl vervolgens de gewijzigde conclusie tussen die twee het midden houdt, zodat de strikte regels voor intermediate generalisation van toepassing zijn (vgl. Case Law, 2016, II.E.1.7, p. 439 e.v.), maar dat speelt hier helemaal niet. Er zijn geen geïsoleerde kenmerken uit een set oorspronkelijk in combinatie geclaimde kenmerken, zoals een specifieke uitvoeringsvorm uit de beschrijving, veralgemeniseerd in de vorm van een niet aan de vakman geopenbaarde combinatie van die geïsoleerde kenmerken. Resolution wil dit ophangen aan de Markush-formule uit de oorspronkelijke aanvrage met drie opties voor R4: waterstof, lagere alkylgroep of cation dat farmaceutisch acceptabel zout kan creëren – de eerste en de laatste betreffen categorieën die uit meerdere opties bestaan. Nu daarnaast de oorspronkelijke aanvrage zeven voorbeelden bevatte met in voorbeeld 1 rosuvastatine-natrium en in voorbeeld 7 rosuvastatine-calcium. De redenering is dan dat in de gewijzigde conclusie 1 met rosuvastatine-zuur en niet-toxische farmaceutisch aanvaardbare zouten in feite sprake is van een beperkte groep waarbij voor R1-R3 en X dezelfde specifieke keus is gemaakt als in voorbeelden 1 en 7 uit de oorspronkelijke aanvrage, maar waarbij voor R4 een andere of bredere keus is gemaakt. Dus de expliciete openbaarmaking uit voorbeelden 1 en 7 wordt gecombineerd met met de zeer brede openbaarmaking uit de Markush-formule, die voor de R4 positie ook andere mogelijkheden geeft, hetgeen niet is toegestaan. Maar met AstraZeneca c.s. (s.t. 14) acht ik dat gekunsteld. Er is hier geen sprake van veralgemenisering van het calcium- en natriumzout van rosuvastatine naar het zuur en de farmaceutisch aanvaardbare zouten: het invullen van rosuvastatine voor R1-R3 en X is geen veralgemenisering, maar één keuze, zonder beperking van R4 (die is algemeen gelaten, anders dan Resolution suggereert, vgl. dupliek onder 3; het weglaten van ht item lagere alkylgroep uit de lijst voor R4 is geen keuze in dit verband). Daarmee valt het doek voor de tweede rechtsklacht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/79ef7cf21a0854c9b4ac584196e46fd4b25c966173517a1165dc49186b86672a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 79ef7cf21a0854c9b4ac584196e46fd4b25c966173517a1165dc49186b86672a, en de alinea staat in dat document op bytes 173270 tot 175722.