Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 november 2017
Onder 3.26 Parket bij de Hoge Raad 17 november 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 november 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1322.
Overigens verdient vermelding dat de toelichting van de Stichting bij memorie van grieven over het belang van de gevorderde verklaring voor recht weliswaar uitsluitend ziet op de situatie dat de vordering tot betaling uit hoofde van de gestelde toezegging verjaard mocht blijken, maar dat de gevorderde verklaring voor recht als zodanig niet tot die situatie beperkt is (hiervoor randnummer 2.6). Ook zo bezien – ervan uitgaande dat de vordering tot betaling uit hoofde van de gestelde toezegging niet verjaard is – heeft de Stichting in het licht van de genoemde rechtsregels uit het arrest AIG Europe/M. (hiervoor randnummer 3.25) voldoende belang bij de gevorderde verklaring voor recht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bbbcaaf720bea912db9051b65fbfd225119fb82be890c951ccaa65217a2daa46. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bbbcaaf720bea912db9051b65fbfd225119fb82be890c951ccaa65217a2daa46, en de alinea staat in dat document op bytes 59765 tot 60473.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bbbcaaf720bea912db9051b65fbfd225119fb82be890c951ccaa65217a2daa46 | shasum -a 256