Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 november 2017

Onder 6.1 Parket bij de Hoge Raad 30 november 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 november 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1349.

Het gaat hier om de vraag of bij de beoordeling van de onderhavige naheffingsaanslag rechtens moet worden uitgegaan van de oorspronkelijke vergunning voor het onttrekken van grondwater of van de (veel ruimer gestelde) naderhand verleende en gewijzigde vergunning, zoals die door Provinciale Staten aan belanghebbende na de oplegging van de naheffingsaanslag is verleend, met terugwerkende kracht tot in de belastingjaren waarop de naheffingsaanslag ziet. Anders gezegd: of de latere wijzigingsbeschikking relevant is voor de beoordeling van de vraag of de naheffingsaanslag, als vastgesteld op basis van de destijds geldende oude vergunning, naar huidig inzicht, terecht is opgelegd. Het is daarmee een vraag van ex tunc of ex nunc: in hoeverre kunnen later ontstane rechtsfeiten en later verkregen rechten wel (beoordeling ex nunc) of niet (beoordeling ex tunc) relevant zijn voor latere (rechterlijke) besluitvorming over een eerdere beschikking, in casu de naheffingsaanslag. Voor de kwestie ex nunc of ex tunc, zijn de volgende bepalingen van belang:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d09a9b658e2e69ada3f15b25274b98eba4d9056483a9b686855c9e9d9462ed8a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d09a9b658e2e69ada3f15b25274b98eba4d9056483a9b686855c9e9d9462ed8a, en de alinea staat in dat document op bytes 81307 tot 82473.