Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 december 2017

Onder 4.5. Parket bij de Hoge Raad 15 december 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 december 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1397.

Voor de vaststelling van de rendementsgrondslag dient (…) uitgegaan te worden van de waarde van de bezittingen op 1 januari 2013 verminderd met de waarde van de schulden op 1 januari 2013. Gelet op het feit dat de [A-aandelen] niet als bezittingen in de heffing zijn betrokken, resteert slechts de vraag of de onteigening heeft geleid tot een op 1 januari 2013 bestaande schuld als bedoeld in artikel 5.3, lid 3, van de Wet IB 2001. Het Hof beantwoordt deze vraag ontkennend, aangezien niet gezegd kan worden dat de schade die belanghebbende als gevolg van de onteigening van de [A-aandelen] heeft geleden te kwalificeren is als een verplichting met waarde in het economische verkeer. De Wet IB 2001 biedt ook voor het overige geen wettelijke grondslag om deze schade in aftrek toe te laten op het belastbare inkomen uit sparen en beleggen, dan wel anderszins.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bb6e28b6c731df97eee4ab3708d154974395e51f22e52c25a781b34495e32c40. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bb6e28b6c731df97eee4ab3708d154974395e51f22e52c25a781b34495e32c40, en de alinea staat in dat document op bytes 72058 tot 72933.