Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 december 2017

Onder 6.3 Parket bij de Hoge Raad 15 december 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 december 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1397.

Dit houdt verband met het forfaitaire karakter van de vermogensrendementsheffing. Een belastingplichtige wordt geacht een bepaald netto-rendement te kunnen behalen met de vermogensbestanddelen die in box 3 worden belast. Dit netto-rendement is forfaitair vastgesteld op 4%. Een dergelijk forfait heeft naar zijn aard een zekere ruwe werking in zich. Dat geldt eveneens voor de peildata van 1 januari en 31 december. Er wordt geen rekening gehouden met de daadwerkelijke bezitsperiode van een vermogensbestanddeel noch met de werkelijke opbrengsten daarvan of de bestemming van bepaalde geldsommen. De wetgever heeft voor dit systeem gekozen met het oog op de eenvoud van uitvoering van de belastingheffing. Het systeem kan zowel in het voordeel als in het nadeel van een belastingplichtige uitwerken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bb6e28b6c731df97eee4ab3708d154974395e51f22e52c25a781b34495e32c40. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bb6e28b6c731df97eee4ab3708d154974395e51f22e52c25a781b34495e32c40, en de alinea staat in dat document op bytes 85458 tot 86272.