Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 december 2017

Onder 4.25 Parket bij de Hoge Raad 15 december 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 december 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1397.

Op grond van het voorgaande vormt onverkorte toepassing van de regels van de artikelen 5.2 en 5.3 Wet IB 2001 in het jaar 2013 in het concrete geval van belanghebbende een individueel en buitensporige last en is daarmee in strijd met artikel 1 EP. Het Hof zal die regels daarom voor dat jaar, conform de stelling van belanghebbende, tijdsevenredig toepassen in dier voege dat het inkomen uit sparen en beleggen van belanghebbende voor hei jaar 2013 wordt bepaald op: 1/12e van 4% van € 260.799 = € 869. Daarbij neemt het Hof in aanmerking dat de grondslag voor sparen en beleggen van belanghebbende, na eliminatie van het onteigende vermogen, nihil bedraagt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bb6e28b6c731df97eee4ab3708d154974395e51f22e52c25a781b34495e32c40. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bb6e28b6c731df97eee4ab3708d154974395e51f22e52c25a781b34495e32c40, en de alinea staat in dat document op bytes 26826 tot 27501.