Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 november 2017
Onder 24 Parket bij de Hoge Raad 7 november 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 november 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1477.
33. De steller van het middel meent dat, gezien de omstandigheid dat de verdachte en zijn echtgenote sinds de aangifte van de belaging (op 5 september 2014) geen contact meer hebben gezocht met het slachtoffer, de motivering van de oplegging van het contactverbod en de dadelijke uitvoerbaarheid daarvan van het hof onbegrijpelijk is. Natuurlijk kan er verschillend worden gedacht over nut en noodzaak van een dadelijk uitvoerbaar contactverbod in het onderhavige geval, maar in het licht van alle door het hof bij de oplegging van de sanctie in aanmerking genomen omstandigheden kan ik de steller van het middel niet volgen in het oordeel dat de motivering onbegrijpelijk is. Het middel treft geen doel.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ea7fef8d6bbffbbb01a4a32b58422e9ec03fc2160658ec11cdf224a0e33f9cdd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ea7fef8d6bbffbbb01a4a32b58422e9ec03fc2160658ec11cdf224a0e33f9cdd, en de alinea staat in dat document op bytes 39501 tot 40283.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ea7fef8d6bbffbbb01a4a32b58422e9ec03fc2160658ec11cdf224a0e33f9cdd | shasum -a 256