Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 december 2017

Onder 2.13 Parket bij de Hoge Raad 12 december 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 december 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1516.

Vooropgesteld: de rechtbank behoefde geen beslissing te nemen over de wijze van behandeling in het psychiatrisch ziekenhuis. Er was een machtiging verzocht tot voortgezet verblijf van betrokkene in een psychiatrisch ziekenhuis. De rechtspositie van de betrokken patiënt na gedwongen opname in een psychiatrisch ziekenhuis is niet geregeld in hoofdstuk II, maar in hoofdstuk III van de Wet Bopz. Na overleg met de patiënt wordt een behandelplan opgesteld (art. 38a lid 3 Wet Bopz). Bij een opname in een psychiatrisch ziekenhuis op grond van een rechterlijke machtiging is de behandeling in de eerste plaats gericht op het wegnemen van het te duchten gevaar. Zodra de geneesheer-directeur van het psychiatrisch ziekenhuis constateert dat de betrokken patiënt niet langer in zijn geestvermogens is gestoord, hetzij constateert dat de betrokkene niet langer gevaarlijk is dan wel dat het gevaar door tussenkomst van personen of instellingen buiten het ziekenhuis kan worden weggenomen, verleent hij de betrokkene ontslag uit het psychiatrisch ziekenhuis (zie art. 48, lid 1 onder a, Wet Bopz), tenzij de betrokkene vrijwillig in het ziekenhuis opgenomen wenst te blijven en dat ook mogelijk is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7fd8a82667770fbb1300ec5d4378abfe925e15be86441e9dae19cf27c6f256c7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7fd8a82667770fbb1300ec5d4378abfe925e15be86441e9dae19cf27c6f256c7, en de alinea staat in dat document op bytes 21508 tot 22716.