Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2017

Onder 9.3. Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2017, ECLI:NL:PHR:2017:157.

Dit is precies de toets die het hof in zijn hiervoor onder 7 geciteerde overwegingen uitvoert. Zo acht het hof de lezing van [medeverdachte] dat hij op de bewuste avond van de overval zijn telefoon in de auto heeft laten liggen waarin de verdachte reed en vervolgens zelf met de telefoon van zijn vriendin [betrokkene 12] naar deze telefoon sms-jes heeft gestuurd, ongeloofwaardig en ook niet passen bij de verklaringen die [betrokkene 12] en de getuige [betrokkene 5] daarover hebben afgelegd. Ook de verklaringen van de verdachte dat hij de hele avond samen met [betrokkene 13] in Amsterdam is geweest om wiet te knippen, stroken volgens het hof onder andere niet met het feit dat geen van de drie telefoons van [betrokkene 13] in die omgeving getraceerd is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a119de6ca1a18725c73d333f270f4ee3ca65237159fbeb926636b215469dadcf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a119de6ca1a18725c73d333f270f4ee3ca65237159fbeb926636b215469dadcf, en de alinea staat in dat document op bytes 32845 tot 33619.