Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 december 2017

Onder 2.13 Parket bij de Hoge Raad 8 december 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 december 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1609.

In een in 2010 verschenen reviewartikel hebben Nellestijn (lees: Nellensteijn; LK) et al. geschreven over de ontwikkeling, in de loop van de jaren 2000, van dergelijke transforaminale technieken, en op basis van 39 unieke studies in 45 artikelen geconcludeerd dat er tussen deze (‘nieuwe’ - toev. hof) transforaminale endoscopische chirurgie en de (‘klassieke’ - toev. hof) open microdiscectomie geen significante verschillen bestonden wat betreft verbetering van de patiënttevredenheid, recidief percentages, complicaties en re-operaties. Er bestonden daarom in 2007 geen gronden vóór dan wel tegen toepassing van deze methode bij patiënten met symptomatische lumbale discusherniaties, zodat het voor een chirurg destijds gerechtvaardigd was om deze technieken te gebruiken om het chirurgische doel (decompressie) te bereiken. Er waren ook geen aanwijzingen dat er aanzienlijk meer kans op complicaties of onnodige schade bestond (pag. 12/13).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/55cd7bc4ba68db6a65fac6d59a148d8c8bb8ca7fc4540c3c0c46f8b71eae344d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 55cd7bc4ba68db6a65fac6d59a148d8c8bb8ca7fc4540c3c0c46f8b71eae344d, en de alinea staat in dat document op bytes 39671 tot 40710.