Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2017

Onder 3.9.4 Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2017, ECLI:NL:PHR:2017:173.

De omstandigheid dat de man voorafgaand aan de erkenning heeft getwijfeld aan zijn vaderschap, hetgeen de man erkent, heeft het hof onder ogen gezien (rov. 2.10). Juist met het oog op deze (eerdere) twijfels heeft het hof geoordeeld dat op de man óók de bewijslast rust dat deze twijfels waren weggenomen ten tijde van de erkenning (rov. 2.11 slot).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0842c8a0c8687243b313dc6a456408b00f90d897acaad099e87f2d2e3e3b2e69. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0842c8a0c8687243b313dc6a456408b00f90d897acaad099e87f2d2e3e3b2e69, en de alinea staat in dat document op bytes 41590 tot 41990.