Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2017

Onder 4.4 Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2017, ECLI:NL:PHR:2017:173.

In zijn beschikking van 4 juni 2015 had het hof reeds geoordeeld dat de man had aangetoond ten tijde van de erkenning overtuigd te zijn van zijn biologisch vaderschap (rov. 2.14) en dat voor een geslaagd beroep op dwaling nog slechts moest komen vast te staan dat de man niet de biologische vader is (rov. 2.16). Nu de vrouw had geweigerd mee te werken aan het eerder door het hof bij beschikking van 27 november 2014 opgedragen DNA-onderzoek maar het hof het in het belang van [de minderjarige] achtte om de vrouw nogmaals de gelegenheid te geven om mee te werken, besliste het hof als volgt:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0842c8a0c8687243b313dc6a456408b00f90d897acaad099e87f2d2e3e3b2e69. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0842c8a0c8687243b313dc6a456408b00f90d897acaad099e87f2d2e3e3b2e69, en de alinea staat in dat document op bytes 69654 tot 70260.