Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2017
Onder 2.13 Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2017, ECLI:NL:PHR:2017:173.
De man stelt dat hij na de mededeling van de vrouw op 18 juli 2012 dat zij zwanger was van hem twijfels had over het vaderschap omdat partijen al 5 of 6 weken uit elkaar waren, zij geen kinderwens hadden en voorbehoedsmiddelen gebruikten. De vrouw werd boos toen de man om een vaderschapstest vroeg en zei tegen hem dat hij de enige was met wie zij voor het uit elkaar gaan van partijen naar bed was geweest. De man stelt verder dat toen duidelijk werd hoelang de vrouw zwanger was hij is gaan rekenen en het kon kloppen dat hij de vader was. De vrouw heeft hem zeer vaak laten weten dat hij de biologische vader was en hem daarbij laten weten boos te zijn op hem omdat hij niets met zijn ongeboren kind te maken wilde hebben. De man stelt dat hij onder meer door de mededelingen en het gedrag van de vrouw er 100% van overtuigd raakte dat hij de biologische vader was van [de minderjarige].
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0842c8a0c8687243b313dc6a456408b00f90d897acaad099e87f2d2e3e3b2e69. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0842c8a0c8687243b313dc6a456408b00f90d897acaad099e87f2d2e3e3b2e69, en de alinea staat in dat document op bytes 13954 tot 14858.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0842c8a0c8687243b313dc6a456408b00f90d897acaad099e87f2d2e3e3b2e69 | shasum -a 256