Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2017

Onder 4.36 Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2017, ECLI:NL:PHR:2017:175.

“Verdedigd wordt, dat een curator zich aan de OR niet behoeft te storen. Dit standpunt moge onder omstandigheden praktisch zijn, juridisch is het ons inziens niet houdbaar. De OR is niet een orgaan van de gefailleerde, doch van de door de gefailleerde gedreven onderneming, die moet worden geabstraheerd van het juridische vehikel. Wordt in faillissement de onderneming voortgezet, dan dient de curator te worden beschouwd als ondernemer in de zin van de WOR. Er is geen juridische (noch een redelijke) grond een als ondernemer optredende curator op medezeggenschapsgebied meer bevoegdheden toe te kennen dan een ‘gewone’ ondernemer. Zo behoort de curator voor de ‘beëindiging van de werkzaamheden van de onderneming of van een belangrijk onderdeel daarvan’, conform art. 25, lid 1, sub c, WOR, advies te vragen aan de OR. Daaraan doet niet af, dat ingevolge de artt. 98 en 174 F de (staking van de) voortzetting van het bedrijf is onderworpen aan goedkeuring van de RC en – in het voorkomende geval – de crediteurencommissie. De WOR is van jonger datum dan de Faillissementswet. Indien de wetgever zou hebben beoogd de regeling in de Faillissementswet uitputtend te laten zijn, zou dit in de latere wet uitdrukkelijk moeten zijn bepaald.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/77a7e2718951e82a28ab89e364e260387e5c452d6eeada7e8568cd13e1fbf035. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 77a7e2718951e82a28ab89e364e260387e5c452d6eeada7e8568cd13e1fbf035, en de alinea staat in dat document op bytes 78529 tot 79798.