Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2017

Onder 6.4 Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2017, ECLI:NL:PHR:2017:175.

Het eerste onderdeel betoogt in essentie dat de OK met haar oordeel heeft miskend dat de medezeggenschapsrechten van een OR gedurende een faillissement in beginsel in stand blijven. Ik acht deze klacht gegrond. Zoals hiervoor is uiteengezet, brengt een faillissement niet mee dat het adviesrecht ingevolge art. 25 van de WOR buiten werking wordt gesteld (hiervoor 5.6-5.17). Verder vormt het adviesrecht in het geval van het vooruitzicht van voortzetting of doorstart mijns inziens geen (ontoelaatbare) doorkruising van het faillissementsrecht (hiervoor 5.6). In de onderhavige zaak was sprake van een voornemen tot overdracht van de bedrijfsactiviteiten (rov. 2.8 en 2.12). Dit betekent dat de OK niet tot het oordeel mocht komen dat het adviesrecht in beginsel onverenigbaar is met de op afwikkeling van de boedel gerichte rol van de curator en dat hier in het midden kan blijven of een uitzondering op dit beginsel denkbaar is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/77a7e2718951e82a28ab89e364e260387e5c452d6eeada7e8568cd13e1fbf035. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 77a7e2718951e82a28ab89e364e260387e5c452d6eeada7e8568cd13e1fbf035, en de alinea staat in dat document op bytes 115958 tot 116939.