Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2017

Onder 6.6 Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2017, ECLI:NL:PHR:2017:175.

Ook deze klacht komt mij gegrond voor. Voor toepasselijkheid van de WOR is – voor zover hier van belang – toereikend dat de onderneming in stand wordt gehouden. Dit begrip is meeromvattend dan de situatie van voortzetting door de curator in de faillissementsrechtelijke betekenis (hiervoor 4.38-4.40). Ook wanneer de onderneming niet wordt voortgezet – zoals in de onderhavige zaak: in casu is er geen sprake van een voortzetting met machtiging van de rechter-commissaris op de voet van art. 98 Fw of 173a Fw (hiervoor 4.31-4.32) – maar wel zicht bestaat op een doorstart, moet het adviesrecht mijns inziens worden geëerbiedigd (hiervoor 5.6).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/77a7e2718951e82a28ab89e364e260387e5c452d6eeada7e8568cd13e1fbf035. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 77a7e2718951e82a28ab89e364e260387e5c452d6eeada7e8568cd13e1fbf035, en de alinea staat in dat document op bytes 117311 tot 117976.