Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2017

Onder 4.1 Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2017, ECLI:NL:PHR:2017:175.

De in deze zaak aan de orde gestelde vraag brengt een tweetal stelsels in beeld: dat van het faillissementsrecht en dat van het medezeggenschapsrecht. In paragraaf 5 ga ik nader in op de ‘botsing’ van deze twee stelsels en kom ik ook tot een beantwoording van de centrale vraag. Om daarvoor een basis te hebben, zal ik eerst de hoofdlijnen schetsen van de beide stelsels. Daarbij geldt overigens als leeswijzer dat diegenen die voldoende gepokt en gemazeld zijn waar het beide terreinen van het recht betreft de eerste twee onderdelen van deze paragraaf rustig kunnen overslaan. Wat het faillissement(srecht) betreft houd ik het kort (4.2-4.4). Uitvoeriger ga ik in op de hoofdlijnen van de in de WOR geregelde medezeggenschap (4.5-4.22). Het derde onderdeel van deze paragraaf betreft een eerste verkenning van de vraag of de uit de WOR voortvloeiende adviesplicht ook in faillissement geldt (4.23-4.40).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/77a7e2718951e82a28ab89e364e260387e5c452d6eeada7e8568cd13e1fbf035. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 77a7e2718951e82a28ab89e364e260387e5c452d6eeada7e8568cd13e1fbf035, en de alinea staat in dat document op bytes 33290 tot 34212.